Drents Museum Assen

Bouw  2010/2011
Door NOE geleverd Bekisting en 3-D polyester kolommal
Architect Designed by Erick van Egeraat

In de centrale hal van het nieuwe  Drents Museum te Assen staan een 8-tal constructieve kolommen met een kerndiameter van 300 mm. Deze kolommen dragen de bovenliggende verdieping.

Daar deze kolommen op een markante plaats in het gebouw staan deed een simpele geo­metrische vorm geen recht aan het bijzondere karakter van het gebouw. Om die reden gaf de architect deze kolommen een gestileerde boomstamvorm, welke zich in de bovenliggende plafond- en wandconstructie vertakte.

Het oorspronkelijke idee was om de constructieve kolommen uit te voeren als stalen – met beton gevulde – buiskolommen met daaromheen een schaal in een hard materiaal, dat bestand zou zijn tegen de mechanische belastingen die optreden in een openbaar toegankelijke ruimte.

Onderaannemer BSA Vloeren uit Assen, die  in opdracht van Geveke Bouw zorg droeg voor de beton­constructie van het nieuwe gebouw, benaderde NOE-Bekistingtechniek echter met de vraag of zij wellicht een idee hadden over een “out-of-the-box” uitvoeringsmogelijkheid van deze kolom.

NOE-Betonvormgeving, een onderdeel van NOE-Bekistingtechniek, stelde voor alle eisen ten aanzien van techniek en esthetiek in één oplossing te verenigen door het maken van een geheel betonnen kolom in de door de architect gewenste vorm. Dit zou mogelijk zijn door het maken van een deelbare en meermalen inzetbare polyester kolombekisting, één van de specialismen van NOE-Betonvormgeving. Met zo’n kolomkist was de betonbouwer in staat om – als ware het een normale ronde of vierkante kolom – deze ogenschijnlijk ingewikkelde kolommen zoals te doen gebruikelijk op de bouwplaats te storten.

Als basis voor het model heeft de architect een 3D-model van de gewenste vorm gemaakt, inclusief de vertakkingen naar het plafond. Daar waar het ontwerp zich onder het plafond in de breedte ver­takte is het 3D-model voor de betonkolom “afgeknipt” en met een terugliggende sponning van 40 mm. rechtstandig opgetrokken tot de hoogte van de op deze kolommen rustende balkcon­structie. In het afbouwstadium is met per plaatse gevormd stucwerk vanuit wand en plafond aan­gewerkt tot in deze sponning, waarmee een naadloze en vloeiend verlopende aansluiting is gereali­seerd tussen beton en stucwerk. Het wat kwetsbaardere stucwerk start ook pas op grote hoogte, waardoor alle mechanisch zwaarder te belasten oppervlakken in duurzaam en hard beton zijn gerealiseerd.

Als basis voor de vervaardiging van de kolommal is door middel van 5-assig CNC frezen vanuit het door de architect aangeleverde 3D-model een zogenaamde “plug”  - een 1:1 positief model - van deze kolom gemaakt. Deze plug is na het frezen door middel van het opbrengen van een gladde toplaag geschikt gemaakt om met polyester af te vormen. De complexe vorm - met in- en uitlopende ribben - maakte het noodzakelijk om meer dan twee  deelnaden in de mal te realiseren. Na gereed­komen van de plug is op het model  bepaald waar de deelnaden zouden komen. Doordat de flenzen van de deelnaden op de plug worden gevormd  en er bij het maken van de diverse schalen tegen elkaar wordt aangewerkt kunnen deze deelnaden in elke gewenste vorm vloeiend verlopen en ontstaat er een minimaal zichtbare naad.

De mal heeft een laminaatdikte van 10 mm. gemodificeerd polyester, dat bestand is tegen de alkalische inwerking van beton en is voorzien van flenzen op de deelnaden en aan de onder- en bovenzijde. Om vervorming van de mal door invloed van de stortbelasting tegen te gaan wordt de gehele mal voorzien van meegelamineerde verstevigingsschotten. Paspunten op de deelnaadflenzen